De eerste gemeente

De eerste Gemeente

Hoewel er vreugde en vrede was over het feit, dat de eerste “gemeente van gedoopte Christenen” in Nederland openbaar was geworden, hadden de leden zijnde de gemeente tal van tegenslagen en teleurstellingen te verwerken.

Vriendschapsbanden kwamen onder druk te staan, huren van woningen werden opgezegd. Kortom, de gemeente stond tegenover een vijandige wereld. Feisser beschikte niet over een goede lichamelijke gezondheid. Op aanraden van ds. J. de Liefde te Zutphen, ging hij voor een waterkuur (bronnenbad) naar Lewin bij Leitmerits, ten oosten van Dresden (15 mei 1846 – 20 juli 1846).

De broeders Roelof Reiling (diaken van de gemeente) en Johannes Kruit gingen om beurten in de diensten voor. Zij hadden volgens Feisser de gave om de gemeente op te bouwen en te versterken. Later moest Feisser ook vaak de middagsamenkomst verzuimen vanwege zijn gesteldheid.

 

In 1849 nam Feisser als voorganger afscheid van de gemeente Nijveensche Mond en vestigde zich in Nieuwe Pekela. Zijn woning werd letterlijk afgebroken en in Nieuwe Pekela weer opgebouwd. Dit betekende niet dat de band met de gemeente Nijveensche Mond werd doorsneden. Heel vaak gingen Feisser en Speelman, die ook in Nieuwe Pekela woonde, naar de middagsamenkomsten van Nijveensche Mond.
Baptisten Gemeente Stadskanaal-Noord, dominee, voorganger Feisser
Voorganger Feisser
Op 2 juni 1865 overleed Johannes Elias Feisser. Zijn lijfspreuk was: “Spreek alzo, doe alzo”.

Unie van de Baptisten.
Lees meer op: De evangelisten